Algemeen:
De wetenschappelijke naam van de gedomesticeerde Kameel werd Camelus Bactrianus. Het woord Kameel is afgeleid van de wortel ǧ-m-l, schoonheid en betekent dan ook zoveel als sierlijk beest. Genetisch onderzoek, bracht in 2017 aan het licht dat de Bactrische Kameel en de Camelus ferus ofwel Wilde Kameel, verschillende voorouders hebben. De Wilde Kameel is ernstig in zijn bestaan bedreigd en komt alleen voor in kleine populaties in de steppen en halfwoestijnen van China en Mongolië.
De Kameel is een evenhoevig zoogdier uit de familie van de Kameelachtigen. De Kameel verschilt van de Dromedaris door het aantal bulten op de rug. De Dromedaris heeft er één, de Kameel twee. Het woord komt uit het Arabisch (جمل ǧamal) en er werd oorspronkelijk vooral de Dromedaris mee bedoeld, want de Kameel wordt in de Arabische wereld niet gedomesticeerd.
Een bijzondere eigenschap van de Kameel is zijn lichaamstemperatuur, die zelfs tijdens de zwaarste omstandigheden in stand kan blijven. Kamelen gaan pas beginnen zweten wanneer hun lichaamstemperatuur boven de 40°C komt.
Het Kameellichaam is zo geschapen dat het vele dagen zonder water en voedsel kan overleven met een lading van zelfs honderden kilo’s. Kamelen kunnen wekenlang zonder te drinken. Bij het drinken, drinkt een Kameel meer dan 100 liter achter elkaar en tot 60 liter per minuut.
Een typisch kenmerk van de Kameel zijn de twee bulten waarin de energiereserve zitten. Als de bulten niet worden aangesproken, staan ze rechtop. Bij voedselschaarste, wanneer de Kameel teert op het vet in de bult, hangen de bulten naar één kant.
Dankzij deze centrale reserve plaats, hoeft het water niet over heel het lichaam verspreid te worden, zodat het niet gemakkelijk verloren gaat en direct aangesproken kan worden.
De meeste Dieren sterven wanneer de opgehoopte voorurine vanuit het lichaam in de bloedsomloop terecht komt. De nieren van een Kameel daarentegen zijn in staat om veel water uit de voorurine in het bloed terug te stuwen. Daardoor wordt vochtverlies door urine uitscheiding tot het minimum beperkt.
De dikke vacht van een Kameel bestaat uit dik en gevilt haar dat het lichaam tegen extreem koude (-50°C) en warme (+50°C) weersomstandigheden beschermt.
De poot van een Kameel bestaat uit twee tenen die met elkaar verbonden zijn door een flexibel eeltkussen. Deze eeltkussens hebben een bescherm- en stabiliteitsfunctie. Ze beschermen de Kameel tegen het hete zand, maar zorgen er ook voor dat de poten grip hebben op de verschillende ondergronden. De nagels beschermen de poten tegen mogelijke schade veroorzaakt door eventuele stoten.
Kamelen zijn telgangers ( of het tegelijk opheffen van de voor- en achterpoot aan één kant van het lichaam) en kunnen voor korte tijd vijfentwintig kilometer per uur rennen. Kamelen kunnen dertig tot veertig kilometer per dag lopen.
De knieën zijn bedekt met een dikke en verharde huidlaag (eelt). Wanneer het Dier op het warme zand knielt, beschermt deze eeltstructuur het dier tegen de extreme temperaturen van het zand.
Kamelen hebben lange wimpers die hun ogen beschermen tegen het zand. Daarnaast hebben hun ogen nog een derde ooglid. Dit ooglid is een transparant vliesje dat als een soort ‘ruitenwisser’ werkt. Het gaat niet open van boven naar beneden, zoals gewone oogleden, maar van links naar rechts. Wanneer het vliesje over het geopende oog zit, is het een beetje transparant en kan de Kameel nog zien, terwijl zijn oog beschermd wordt. Wanneer er dus een zandstorm is, kan de Kameel dankzij dit extra ooglid nog steeds zien en zijn de ogen tegelijkertijd beschermd. Ook de neus en de oren worden beschermd. Die zijn bedekt met lange haartjes om ze te beschermen tegen zand en stof. Kamelen hebben afsluitbare neusgaten, waardoor er ook hier geen zandkorreltje in kan komen.
Als je aan een woestijn denkt, denk je meestal ook aan cactussen. Een echte lekkernij voor Kamelen. Een Kameel heeft sterke rubberachtige lippen en zijn bek is bezaaid met verharde papillen. Dat maakt het makkelijker voor de Kameel om doornen te eten die zelfs leer kunnen doorprikken!
Kamelen kunnen tot twee meter hoog worden en hun volwassen gewicht ligt tussen vijfhonderd tot zevenhonderd kilogram. Dit in tegenstelling tot de Dromedaris, die gemiddeld lichter én maar hoger is.
Kamelen zijn ongeveer 6000-5000 jaar geleden gedomesticeerd in Centraal-Azië. Ongeveer 4000 jaar geleden bereikten ze Mesopotamië. Vanwege het gebruik als rij- en lastdier door nomaden en andere reizigers door de woestijn, wordt het dier ook wel het schip van de woestijn genoemd. De Kameel kan 280 kilogram dragen en wordt ook gehouden om zijn wol, melk en vlees.
Nomaden slachten vaak oude kamelen voor voedsel, maar ook voor water en in het uiterste geval als schuilplaats voor bijvoorbeeld een zandstorm. Voor laatstgenoemde functie wordt de Kameel opengesneden, de organen en hersenen worden verwijderd en de binnenkant wordt schoongemaakt. Men gaat in de beschermende borstholte liggen in afwachting dat de zandstorm gaat liggen.
Wikipedia: https://nl.wikipedia.org/wiki/Kameel
Het meest voorkomende thema dat wordt geassocieerd met Kameeldieren is dat van reizen over afstanden. Hele gemeenschappen van mensen vertrouwen hun lading en hun leven toe aan deze vredige maar sterke wezens en hebben dat al vele eeuwen gedaan.
Ze zijn één van de enige wezens ter wereld die kunnen leven in de barre woestijnklimaten. De reizen die Kamelen maken zijn vaak zwaar en hebben inherente risico’s. Bij deze reizen zijn mensen verplicht te vertrouwen op de bescherming van de Kamelen.
De eigenschap om lange tijd te kunnen overleven zonder eten of drinken, kan worden uitgedrukt in kracht versus kwetsbaarheid. Hoewel Kamelen ons fysiek niet kunnen onderhouden met hun reserves, herinnerd Kameel ons aan het belang van bewust behoud en verantwoorde zelfregulering. We kunnen niet dezelfde inspanning leveren als zij en dienen ook rekening te houden met onze energieniveaus en het tempo waarin we door het leven gaan.
Kameel leert ons geestelijke bescherming en het voorzien van de nodige energie voor ons uithoudingsvermogen te maximaliseren. Kamelen leiden een leven van tegenspoed, wonen in barre klimaten en omgevingen en hebben lange periodes van moeilijkheden en spanningen.
Doch vertoont de Kameel een rustige, harmonische en evenwichtige manier om de kracht van de geest te gebruiken om in elke situatie, van welke aard dan ook positief te blijven, zelfs tijdens de meest moeilijke tijden. Kamelen stralen een optimistische energie uit waardoor zelfs de moeilijkste omstandigheden leefbaar blijven. Samen met hun scherpzinnigheid inspireren Kamelen ons. Het zijn optimisten en leven met het weten dat alles uiteindelijk goed komt. Met hun begeleiding kunnen we het onmogelijke bereiken, wat dat ook moge zijn.

